1969 – Reiken naar de sterren

Op deze muziek van Barbara Streisand (een mij dan nog onbekend fenomeen) word ik wakker op de vroege ochtend van 6 januari 1969, mijn 29e verjaardag. – ‘Oh, my man, I love him so’ zingt Streisand namens  mijn Alderliefste, Mevrouw B., alias M. Lief.

My Name Is Barbara
LP-hoes van ‘My Name Is Barbara’

En ook tijdens de volgende nummers blijf ik ontroerd nog even liggen, terwijl M. een stralend ontbijt uitstalt: ‘Someone to watch over me’ / ‘If you were the only boy in the world’ / ‘Why did I choose you’…
Het album ‘My Name Is Barbara’ is mijn verjaarscadeau, sindsdien grijs gedraaid, maar nog altijd in de collectie. Ook vanwege de weergaloze hoesfoto, waarop BS plaatsvervangend maar welhaast lijfelijk de zeer jonge Mevrouw B.  zit te zijn.

Stralend heden
Kan een jaar beter beginnen? Nee. Maar 1969-totaal, dat is voor mij toch vooral de blije zomerfoto van M. (26) in een Zwitserse alpenweide. Gekleed in een modieuze geplastificeerde meerkleurige ruitjes-regenjas met ceintuur, bijbehorende witte hoed met kinband, en kekke witte kniekousen, kijkt zij vrij en vrolijk naar de camera, naar mij. Onze twee kleuterkinderen Mi. (3) en Ma. (2) zitten aan haar voeten in het kruidige veldboekettengrasveld. Bergen, nevel en dennenbomen leveren sfeer en achtergrond. Et voilà, een oscar voor de herinnering: La Famille De Koning-Te Rijk en vacance.

Reiken naar de sterren
Reiken naar de sterren

Wij logeren in het luxe chalet van M.’s penvriendin R., in Wallis, Thyon Les Collons, op 2000 m hoogte. Om daar te komen nemen wij vanaf het Place de la Gare in Sion de gele postbus naar boven, een hoogoplopende dodenrit tijdens donderend noodweer, terugkeer lijkt onmogelijk. Eenmaal boven blijkt het tumult slechts voor de kleingelovigen, serene rust en stilte vallen ons ten deel, zoals die je alleen ‘daar boven’ maar ten deel kunnen vallen, als sneeuw hartje juli (fotobewijs aanwezig).

Ongeveer op de dag van de foto, maar voor de ruimtevaartgeschiedenis heel precies op 21 juli 1969 om 3.56.20 middeneuropese tijd, stapt astronaut Neil Armstrong uit zijn landingsvaartuig op de maan met de woorden die sindsdien in alle geschiedenisboeken staan: ‘Dit is een kleine stap voor een mens, maar een reuzensprong voor de mensheid.’
En president Nixon denkt daar nog eens dunnetjes overheen te gaan met zijn: ‘Door wat jullie gedaan hebben, zijn de hemelen een deel van de mensenwereld geworden.’ – Kryptoreligieuze taal, vergeten woorden.

Al 46 jaar liggen ‘alpenweide’ en ‘maanlanding’ voor mij naadloos in elkaars verlengde, allebei reiken ze naar de sterren, allebei hebben ze iets hemels (!), zijn ze als de ontdekking van kleur, mijn toppers van het jaar 1969. Overdreven gezegd – maar alla, ik ben vandaag nogal hoog gestemd, hoe vaak komt dat nou helemaal voor?, dus profiteert u daarvan – mijn eigen Stairway to heaven… (De prachtmuziek van Led Zeppelin duurt ruim 10 minuten, u bent gewaarschuwd.)

Verblekend verleden
Euforie kan allicht niet eeuwig duren, dus er is ook ander nieuws uit het curieuze 69. Bij voorbeeld over Indië, de Politionele Acties en ons dienstplichtigenleger aldaar. Ruim 20 jaar is er in alle toonaarden over gezwegen, over wat wij daar deden, halverwege de jaren veertig. (Kijkt u er desgewenst mijn jaar 1948 nog eens op na, en lees hoe blij mijn oudste broer achteraf was dat ie werd afgekeurd voor actieve dienst in de Oost.)

De krant toont 'eerste beeld executies in Indië'
De krant toont ‘Eerste beeld van executies in Indië’

Maar nu is het dan 17 januari 1969, ’s avonds is Achter het Nieuws op de buis. Daar is de Amsterdamse psycholoog dr. J. Hueting te gast. En die verklaart daarin onomwonden dat Nederlandse militairen, hijzelf inbegrepen, in ‘47 en ‘48 oorlogsmisdaden hebben begaan in Indonesië (toen nog: Indië). Het grote taboe is in één daverende klap opgeblazen.
In de enorme publiciteit en de discussie die daarop volgt komt uiteindelijk het hele Indiëbeleid van de Nederlandse regering in een steeds schriller licht te staan. De oud-premiers Drees en Schermerhorn geven de facto toe dat er fouten zijn gemaakt, en dat er – zeker incidenteel – excessen hebben plaatsgevonden. Consequenties worden er vooralsnog niet aan verbonden, dat gaat nog jaren duren. En het duurt nog steeds voort. – U kunt er alles over lezen in de hoofdstukken ‘1947’ en ‘1949’ van het knappe boek Na de bevrijding van Ad van Liempt (Uitgeverij Balans, 2014).

Wie het Indiëverhaal van Diederik van Vleuten tot zich neemt (waarvan NPO 2 op 15 augustus 2015, 19.50 u  een tv-bewerking uitzendt onder de titel: Daar werd wat groots verricht), krijgt helder uitgelegd waarom er al die jaren juist over het optreden van het Nederlandse leger gezwegen werd, het ongemak van de dienstplichtige, het houwdegenoptreden van vele bevelhebbers, het goed en het fout van ons hele koloniale verleden. Kijkt u hier alvast een klein voorproefje van Van Vleuten’s meesterlijke, maar humoristisch verbeelde geschiedenisles.

Van bergen, wolken en de hemelboog
De blinde zanger, dichter, pianist Jules de Corte (1924-1996) schijnt niet erg bekend meer te zijn. Dat was in de tweede helft van de vorige eeuw wel anders: tientallen albums, honderden liedjes, een oneindig aantal optredens op radio en tv – voor Jules de Corte had iedereen een plekje in zijn hart. Zijn bekendste lied was ongetwijfeld het hieronder staande Ik zou weleens willen weten, iedereen die ouder is dan 50 kon (kan?) het uit het hoofd meezingen.

Jules de Corte
Jules de Corte

Het is een filosofisch getinte tekst over de (on)-begrijpelijkheden van het leven, over geluk en de onblusbare nieuwsgierigheid van de mens. Het stamt van ver voor de maanlanding in de hemelboog en zwijgt impliciet over ‘ons Indië’, maar twijfelt sterk aan de bereikbaarheid van vrede. Inderdaad, de vragen zijn wellicht sterker dan de antwoordsuggesties. Maar ach, er is nog steeds weinig nieuws onder de zon sinds dit lied in 1964 uitkwam. Alleen op die ‘glorie van God’ en dat ‘engelenspel’ is nogal hevig ingeteerd… 

IK ZOU WELEENS WILLEN WETEN

Ik zou weleens willen weten
waarom zijn de bergen zo hoog
Misschien om de sneeuw te vergaren
of het dal voor de kou te bewaren
Of misschien als een veilige stut voor de hemelboog
Daarom zijn de bergen zo hoog

Ik zou weleens willen weten
waarom zijn de zeeën zo diep
Misschien tot geluk van de vissen
die het water zo slecht kunnen missen
Of tot meerdere glorie van God die de wereld schiep
Daarom zijn de zeeën zo diep.

Ik zou weleens willen weten
waarom zijn de wolken zo snel
Misschien dat ’t een les aan de mens is
die hem leert hoe fictief een grens is
Of misschien is het ook maar eenvoudig een engelenspel
Daarom zijn de wolken zo snel

Ik zou weleens willen weten
waarom zijn de mensen zo moe
Misschien door hun jachten en jagen
misschien door hun tienduizend vragen
En ze zijn al zo lang onderweg naar de vrede toe
Daarom zijn de mensen zo moe

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *