1999 – Den Bosch heeft weer wat: allure

Om op een ‘natuurlijke manier’ in het jaar 1999 terecht te komen, probeer ik eens mijn versie van de oeroude ‘Natureingang’ uit:  ik beschrijf gewoon wat ik in het NU meemaak, overdenk dat aan de hand van wat er ‘buiten’ gebeurt, en tracht zo bij het TOEN uit te komen. ’s Kijken waar dat schip strandt.

Op het nieuwe huis!
Op het nieuwe huis!

Het Paleiskwartier
Zeer onlangs – ik schrijf nu 20 juli 2016, 13.30 uur, buiten is het 31 graden, binnen zit ik me achter het pas geïnstalleerde Windows 10 af te schermen van de tropische hitte, terwijl ik met ‘zeer onlangs’ de zaterdagmiddag hiervóór bedoel, toen het 16 juli 2016 was en de temperatuur al flink boven de 20 graden begon op te lopen – zochten mijn alderliefste en ik, in de nasleep van een ziekenhuisbezoek in het JBZ (waarover later meer), mijn zus en zwager in de Statenlaan in Den Bosch op. Die wonen daar al een poosje, maar wij waren er nog niet eerder geweest, dus volgens zekere fatsoensnormen is het dan de hoogste tijd. De woning is een ruim bemeten appartement met een balkon voor en achter, en een eigen parkeerplaats in de garagekelder. Ze zijn er de koning te rijk, mijn zus en mijn zwager, vooral door die twee balkons en de riante aankleding van de woonomgeving. – Het was kortom een aangenaam bezoek, met koffie en lekkere aardbeienbeschuitjes toe.

Paleiskwartier Den Bosch
Wonen in het Paleiskwartier Den Bosch

Het appartementengebouw is deel van het Paleiskwartier, een nieuwe wijk aan de achterzijde van het Bossche station waar de luxe en naoorlogse rijkdom van af spat en  het ongetwijfeld heerlijk wonen is voor de mensen die er wonen. Onder de duizend euro per maand is hier nog geen kippenhok te huur, dus er zijn daar ook helemaal geen kippenhokken, wel stenen woonschepen met trotse VOC-uitstraling. Eén straat verderop is de onderwijsboulevard waar de studenten – net als alle studenten in welke  omgeving of setting dan ook – een wel heel eenzijdig en dus verwrongen beeld van de begrippen wonen en werken gepresenteerd krijgen. Een maatschappelijk gegeven dat ik hier en nu maar laat wachten op een juiste gelegenheid.

De Paleisbrug
De Paleisbrug

Een majestueus kunstwerk in de vorm van een Corten-stalen loopbrug over het spoor poogt een verbinding van de nieuwe wijk met de oude Bossche binnenstad aan te gaan. Ik meen gehoord te hebben dat de brug nog maar weinig gebruikt wordt, wat het lot van wel meer kunstwerken is, maar wat in dit geval wel heel spijtig is, zo aangenaam kunstig en indrukwekkend is die brug. Vanuit de stadse kant benaderd is de brug een waarlijke stairway to heaven, jazeker: ‘Den Bosch heeft weer wat’, en beslist niet iets alledaags als de ‘Vughtse Kermis’ zoals die vroeger op de Bossche invalswegen per VVV-bord aangekondigd stond. Je vraagt je af waar Den Bosch het aan verdiend heeft, en waarom er verder zo weinig ‘Bosch’ aan het Paleiskwartier te herkennen valt.

Entree van het Paleis van Justitie in Den BoschGerechtshof
Imponerende entree van het Paleis van Justitie

Ik maak een uitzondering voor Het Gerechtshof – het Paleis van Justitie, waar de wijk zijn naam aan dankt, dat vroeger aan de Spinhuiswal gevestigd was en dat nu zijn Bossche typering ophangt aan het smalle straatje rechts ernaast, dat heel plastisch ‘Het rechte pad’ heet. Het nieuwe gerechtshof diende al in de planprocedure allure en statigheid uit te stralen, en dat is inderdaad volop gelukt en geldt en passant en ondertussen voor zowat de hele wijk. Waarom dat hier en nu allemaal ter sprake komt? Heel eenvoudig omdat Het Nieuwe Paleis van Justitie (en daarmee het hele Paleiskwartier) in 1999 officieel geopend werd door koningin Beatrix. In mijn dagelijkse treinbewegingen naar en van het werk in Gorcum, Culemborg, Leiden, Houten en Groningen heb ik de bouw van het Paleis en zijn Kwartier steen voor steen zien vorderen, letterlijk jarenlang, elke ochtend, elke avond.

Het huidige Station Den Bosch bij avond
Het huidige Station Den Bosch bij avond

Het station
Eerst was het stoffige Bossche station zelf natuurlijk aan de beurt, gedeeltelijk vernieuwd, gedeeltelijk gerenoveerd, en voorzien van een ‘passerelle’ tussen oud- en nieuw Den Bosch. Die passerelle is een stationswinkeltjesstraat die weinig met het openbaar vervoer, treinkaartjes of reizigersservice te maken heeft. Binnenkort moet je zelfs als Bosschenaar over een apart pasje beschikken om via de NS-poortjes van de ene helft van je stad naar de andere te kunnen lopen, of terug. – In 1999 was daar nog in de verste verte geen sprake van, toen moest dat hele vermaledijde project met de OV-chipkaart nog bedacht worden; ‘verdacht worden’ schreef ik in eerste instantie per ongeluk, omdat het miljarden verslindende elektronische systeem geen ander doel lijkt te hebben dan alle reisbewegingen van alle reizigers te willen kennen en verkopen. Het is bovendien een belachelijk ingewikkeld systeem dat de mensen balen geld en ergernis kost.

Ik geef één klein voorbeeld om deze kwalificatie te staven, als terzijde, want eigenlijk gaat dit stukje helemaal niet over de NS of het machtsmisbruik, maar toch moet dit even. Onlangs reisden wij – door treinstoringen gedwongen – van Zutphen via Apeldoorn en Amersfoort naar Utrecht. In Apeldoorn stapte een buitenlands vakantiegezin in, met grote en zware koffers die ze met bovenmenselijke inspanning allemaal in ‘het net’ kregen. Vlak voor Amersfoort kwam de conducteur, een en al omhoog krullende snor, de plaatsvervangende meneer Spoor zelve. Alle vier de OV-chipkaarten van de buitenlanders (waar ze al 110 euro voor betaald hadden, t.w. 4 x 7,50 per kaart, plus 4 x 20 euro instaptarief)  werden ongeldig verklaard: de mensen hadden op hun vertrekstation, Apeldoorn geloof ik, door onbekendheid met ons ingenieuze vervoerssysteem ‘vergeten’ om hun kaarten te

In Nederland heb je assistentie nodig om een treinkaartje te kopen!
In Nederland heb je assistentie nodig om een treinkaartje te kunnen kopen!

‘activeren’; ze hadden wel ‘ingecheckt’, maar dat was in hun geval zonder de juiste gevolgen gebleven. Ze konden van de conducteur kiezen: 200 euro boete betalen of in Amersfoort met al hun bagage de trein uit, naar een automaat in de centrale hal om de kaarten te ‘activeren’, opnieuw ‘in te checken’ en daarna te proberen om met hun bagage  terug te komen in de trein die dan natuurlijk al lang en breed naar Schiphol onderweg zou zijn. – En dan vragen ze zich bij NS nog af waar al die agressie in de trein toch vandaan komt. Wat ik al zei: ‘maar dit geheel terzijde’. Met een dikke nul voor de gemankeerde servicegerichtheid van meneer Spoor, en een ruime tien voor de zelfbeheersing van het buitenlandse vakantiegezin.

Schudden aan het geheugen 1
Ach, 1999, alweer 17 jaar van hier (2016) en toch nog zo dichtbij dat de perikelen van het korte-termijngeheugen ook al aan dit jaar kleven. Natuurlijk, er zijn hulpmiddelen als Wikipedia. Daarin lees ik dat de geweldenaar Karel van het Reve in dit jaar overleed, dat Metro en Spits praktisch gelijktijdig als gratis treinkrantjes verschenen (oja!), en dat het eindelijk mogelijk was om het cd-album van Prince dat in 1982 uitkwam

onder de titel ‘1999’ aan de werkelijkheid te toetsen: ‘Don’t worry, I won’t hurt U /  I only want U 2 have some fun’. – Maar om nou te zeggen dat heel 1999 helder op mijn netvlies staat? Nee. Ik ga dus voor het gemak en de ‘eenheid van onderwerp’ nog maar even met mijn alderliefste en nog zo wat familie het Open Huis van het Nieuwe Paleis van Justitie bezoeken, op de dag van de ‘opening’ dus, 3 februari 1999.

Een van de zittingszalen in Het Paleis
Een van de zittingszalen in het Paleis van Justitie

Open huis
Natuurlijk is het op deze winterse zaterdag een drukte van belang, vergaapt een mens zich aan het prachtige gebouw van architect Charles Vandenhove, het schitterende houten meubilair en de wandtapijten in de sjieke zalen, en voelt men zich plaatsvervangend benauwd in de dagcellen van de verdachten. Overal worden rechtszaakjes nagespeeld en mag het publiek meedoen in velerlei rollen. Gemiddeld gezien is het een vrolijke boel, dus dat zal wel niet stroken met de serieuze werkelijkheid van een gerechtshof, en toch staken we er weer heel wat van op. – Aan het slot zagen we ‘als volk’ dat het goed was, en dat ons belastinggeld geen weggegooid geld was. Een rechtsstaat mag wat kosten, opdat je je in alle gevallen rechtvaardig en waardig behandeld weet.

Bij deze zie ik de OV-zaak van het buitenlandse vakantiegezin dan ook gaarne doorverwezen naar de prachtig met kleurrijke wandtapijten ingerichte zittingszaal van het Bossche Paleis van Justitie. ‘Verzachtende omstandigheden’ is de titel van de expositie die Museum Boijmans van Beuningen inmiddels aan de wandtapijten van het Bossche gerechtshof wijdde. Dat geeft vertrouwen in de afloop.

Schudden aan het geheugen 2
Tja, hoe vertrouwd kun je je in 2016 voelen met het jaar 1999, laat staan met een nog exactere datum. Hoe dichter ik in mijn Balthasarsblog het jaar NU nader, hoe lastiger het lijkt om je de dingen heel precies te herinneren. Ik maakte daar al eerder opmerkingen over, en het heeft niet geholpen. Wat me wel helpt is onderstaand gedicht –
16 mei 1973 geheten  – van de Poolse dichter Wislawa Szymborska (1923-2012) die zich daarin een willekeurige datum van 20 jaar terug voor de geest probeert te halen. Haar geheugen faalt, ze kan wel van alles veronderstellen, het blijft oppervlakkig giswerk. –  Een troostrijk gedicht is het, waar ik het nu gaarne mee doe.

Remember 17 mei 1973 - René Margritte
Remember 16 mei 1973 – Met dank aan René Magritte

16 MEI 1973

Een van de vele data
die me niets meer zeggen.

Waar ik die dag ben geweest,
wat ik deed – ik weet het niet.

Als in de buurt een misdaad was gepleegd
– ik had geen alibi gehad.

De zon schitterde en doofde
zonder dat ik erop lette.
De aarde draaide rond
zonder vermelding in mijn agenda.

Het zou me lichter vallen te denken
dat ik even dood ben geweest
dan dat ik me niets herinner,
hoewel ik ononderbroken heb geleefd.

Ik was toch geen geest,
ik ademde, at,
deed stappen
die te horen waren,
en van mijn vingers moeten sporen
op de deurknoppen zijn achtergebleven.

In de spiegel werd ik weerspiegeld.
Ik had iets met een of andere kleur aan.
Werd zeker door enkele mensen gezien.

Misschien vond ik die dag
een eerder weggeraakt ding terug.
Of raakte een later gevonden ding weg.

Gevoelens en indrukken vulden me.
Nu zijn ze niet meer
dan een rij puntjes tussen haakjes.

Waar was ik weggekropen,
waar zat ik verstopt –
eigenlijk een hele kunst
om zo uit je eigen ogen te verdwijnen.

Ik schud aan mijn geheugen –
misschien dat er uit de takken
klapwiekend iets opfladdert
dat daar al jaren slaapt.

Nee.
Ik verlang heel duidelijk te veel,
maar liefst één hele seconde.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *