2011 – Lievemoederen

Osama dead!
Osama Bin Laden van Al Qaida gedood!

Op 31 oktober melden de VN en Wikipedia eendrachtig ‘dat we vanaf heden met 7 miljard mensen’ op aarde zijn. Min 2 (en nog een paar), want zowel de gehate Osama Bin Laden als de niet minder gevreesde kolonel Moammar Khadaffi worden in hun schuilplaatsen verrast en zonder vorm van proces om het leven gebracht.

Anders Breivik, de moordenaar van Utoja.
Anders Breivik, de moordenaar van Utoya, opgepakt.

Een paar andere ‘gezochten’, zoals de moordenaars Anders Breivik en Radovan Karadzic, worden weliswaar gesnapt maar mogen in leven blijven om hun berechting in de cel af te wachten. Die 2 gaan ook van de 7 miljard af als ze ter dood veroordeeld zouden worden. Maar dat zal in geen geval dit jaar nog gebeuren, want zulke processen plegen gelukkig nogal wat voeten in de aarde te hebben uit overwegingen van zorgvuldigheid en rechtvaardigheid. Hou het dus nog maar even op die 7 miljard minus 2.

Mijn zus Annie speelde banjo bij BAMAGITA (muziekvereniging voor banjo, mandoline en gitaar, jaren 40).
Mijn oudste zus Annie speelde banjo bij BAMAGITA (muziekvereniging voor banjo, mandoline en gitaar – jaren 40).

In mijn woonplaats Eefde IJssel en ook elders in Nederland gaat het in 2011 een stuk rustiger toe. We beleven een mooie lente in maart, maar pas nadat we in de februarikou mijn oudste zus Annie onder banjo-klanken en bijbehorende solozang naar haar ‘droomland’ in Vught begeleid hebben: ‘O, ik verlang zo naar Droohoomland. Daar heerst steeds vree, dus ga met mij mee. Samen naar ’t heerlijke Droomland.’ – Tranen, knuffels, berusting. En een verbroederende koffietafel toe. Amen.

Ook 2011: ik ga beter zien na twee verhelderende staaroperaties, tevens doe ik een poging om iets nader tot de digitale wereld te geraken. Gedwongen weliswaar, maar toch. Want we zijn toe aan een nieuwe tv (leve m’n nieuwe ogen!), en zwichten voor het voordelige aanbod van het ‘totaalpakket’ bij de firma Expert te Zutphen.

Bij dat totaalpakket horen nieuwe telefoons: ‘vaste telefoons, maar dan los’. Voor ons is het een hele overstap, die in het begin nou niet bepaald vlekkeloos verloopt. Omdat ons dat wel vaker overkomt – dat we een nieuwe aankoop niet meteen onder de knie hebben – heb ik deze keer maar eens minutieus vastgelegd hoe die aanschaf van de nieuwe telefoons in z’n werk ging. Mij heeft het achteraf in elk geval geholpen om te beseffen dat veranderingsprocessen nou eenmaal verlopen zoals ze verlopen, en dat daar geen lievemoederen aan helpt. Of misschien toch wel…

'Die zullen er toch wel verstand van hebben?'
‘Die zullen er toch wel verstand van hebben?’

Vrijdagmiddag 12 maart 2011 – Monteur I
– Goedemiddag, meneer B., wilt u 2 of 3 handsets gaan gebruiken?
– Handsets, wat zijn dat?
– Goed. Dat zijn de uitneembare telefoons.
– Uitneembaar?
– Goed. Uitneembaar uit het basisstation respectievelijk het station.
– Het station?
– Goed. Het station is de houder waarin de handset staat, en die verbonden is met het lichtnet.
– En het basisstation?
– Goed. Dat is het hoofdstation, dat behalve op het lichtnet ook op het modem aangesloten is.
– Modem?
– Goed. Dat is het witte kastje dat het basisstation verbindt met de signaalingang.
– Signaalingang?
– Goed. Dat is die kleine doos daar in de muur waarmee de kabel uw huis binnenkomt.
– En die kabel is mijn heen-en-weerverbinding met de buitenwereld: voor tv, internet en telefoon? Is dat nou die zogenaamde glasvezelkabel waar tegenwoordig zoveel over te doen is?
– Goed. U hebt grotendeels glasvezelkabel.
– Grotendeels… Ach, het spijt me dat ik u zo slecht kan volgen. Dat ligt volledig aan mij hoor, op het gebied van de elektronica ben ik nou eenmaal een nul.
– Goed. Of ’n één natuurlijk. Grapje! De hele wereld hangt tegenwoordig van nullen en enen aan elkaar zoals u weet. Goed. Drie handsets dus?
– Okee, drie handsets dus: een in de woonkamer, een voor boven, en een voor in het boekhuis.
– Goed. Die derde zal ik moeten bijbestellen, want deze doos is een box van twee. Zal ik u nu de werking van de handset dan even voordoen?
– Goed. Graag, bedoel ik.

'Wat zeg je?!'
‘Wat zeg je?!’

Maandagmiddag – Winkelmanager
– Met de Winkelexpert, wat kan ik voor u doen?
– Met B. uit E, goedemiddag. Kan ik Monteur I even spreken?
– Dat gaat helaas niet. Die is aan het bezorgen. Misschien kan ik u helpen?
– Nou, uw collega heeft hier vrijdagmiddag twee handsets van het merk P. geïnstalleerd. Maar het geluid is belabberd, er vallen steeds stukjes weg. ’t Is net of ik weer terug ben in de tijd van de conservenblikken-met-een-touwtje. Bovendien hebben wij de tweede telefoon in het geheel niet aan de praat gekregen.
– Tjee, meneer B., dat is niet best. En kon u er zelf niet uitkomen met de gebruiksaanwijzing?
– Gebruiksaanwijzing? Die heb ik helemaal niet. Die zit zeker nog in de doos die  Monteur I mee terug genomen heeft… Maar de kwaliteit van het geluid, dat is eigenlijk het grote probleem, dat gaat zo niet.
– Dan komt m’n collega zo spoedig mogelijk bij u terug. Morgenmiddag, schikt dat? En misschien moeten we eerst nog maar eens een ander merk proberen voordat we bij de provider aan de bel gaan trekken.
– Dat lijkt me een strak plan, meneer Winkelexpert. Kan het een beetje vroeg in de middag?
– Goed.

De S-telefoons gebroederlijk in station en basisstation.
De S-telefoons gebroederlijk naast elkaar in station resp.  basisstation.

Dinsdagmorgen – Monteur II
– U hebt problemen met de nieuwe telefoon hoor ik?
– Inderdaad. Het geluid is abominabel, aan twéé kanten van de lijn. En handset 2 doet niks.
– Ik heb hier het merk S. meegekregen, voor twee handsets. Die zal ik even voor u inpluggen. Wilt u dan intussen de spullen van merk P. in de doos doen als u die nog heeft?
– Die doos heeft uw Collega I meegenomen. Maar ik heb hier nog wel een plastic zak van uw winkel, mag dat ook?
– Kunt u dan wat vloeipapier om alle onderdelen doen? Oja, en als u een derde handset wilt, moeten we een doos van drie sets bestellen. Ik weet niet of u dan straks drie nieuwe toestellen krijgt, of dat we uit die doos van drie er apart een bij u kunnen installeren.
– Ik kan dus nog geen nummers inprogrammeren en zo?
– Dat kán natuurlijk wel, maar dan moet u alles daarna misschien weer overdoen. Hebt u al een handleiding?
– Nee, die zit nog bij het vloeipapier in de oude doos bij uw collega.
– Neenee, kijk, u moet natuurlijk de gebruiksaanwijzing van het merk S. hebben. Want heel veel dingen gaan bij S. anders dan bij P. Alstublieft.
– En kan ik nu wél met allebei de telefoons bellen?
– Dat gaan we nu controleren. – He, niks! – Mag ik de handleiding nog even terug? – ’s Even kijken. Natuurlijk, elke handset moet apart op het basisstation aangemeld worden. Hebt u nog vijf minuten geduld? – Oja, en wilt u dan overmorgen de Winkelexpert bellen of deze telefoons wél goed bevallen?
– Goed.

Woensdagmorgen – Winkelmanager
– Met de Winkelexpert, wat kan ik voor u doen?
– Met B. uit E. Ik bel naar aanleiding van de nieuwe telefoons. Het geluid is nu stukken beter ook al is het dan nog geen donderdag.
– Dat doet me genoegen om te horen, meneer B. Maar wat is er met donderdag?
– O, ik mocht u overmorgen terugbellen. Maar na één dag wist ik het ook wel. Dat het geluid veel beter is, en dat er geen stukjes gesprek meer wegvallen en zo.
– En welk merk hebt u nu dus?
– S. En ik wil nu ook graag die derde handset hebben. Is die er al?
– Een derde handset… Die hebt u nog niet? Even in de computer kijken, nee, die is nog niet besteld. Dan gaan we dat nu gezwind even doen. Dat duurt een weekje. Komt u dan nog in de stad?
– Eigenlijk wil ik graag dat de monteur die komt installeren. Want ik geloof niet dat ik…
– Dan komt m’n collega natuurlijk nog even bij u langs. Ik bel u als de handset binnen is.
– En weet u al iets over de prijs?
– U had eerst merk P., he? En nu S.? Ik spiek even in de computer, nee, daar is geen speciale aanbieding van. Dat wordt dan, rekenreken, dat komt u op 55 euro extra, meneer B. Voor de hele set van drie. Komt u het verschil vooraf even afrekenen?
– Goed.

'Gelukkig, daar is Monteur Thijs weer.'
‘Gelukkig, daar is Monteur Thijs weer.’

Vrijdagmiddag, twee weken later – Monteur I
– Goed, ik heb hier drie nieuwe handsets S. voor u. Denkt u er aan dat de batterijen eerst volledig geladen én ontladen moeten worden? Dat duurt acht uur, handleiding bladzijde 5. U kunt alledrie de handsets gelijktijdig laden en ontladen.
– En al die tijd kan ik de telefoon dus niet gebruiken?
– Goed. Daarna moet elke handset apart op het basisstation aangemeld worden, handleiding bladzijde 6. Dat duurt vijf minuten per set. Daarna kunt u de telefoons gebruiken, zodra de batterijen voldoende geladen zijn. Handleiding bladzijde 7.
– Ik hoop dat ik dat allemaal klaarspeel. Anders zitten we weer het hele weekend zonder telefoon.
– Goed. Dan kunt u natuurlijk zolang uw mobiele telefoon gebruiken. Goed. Alles zit erin, u hebt de handleiding, u hebt betaald zie ik, dan wens ik u er veel plezier mee.
– En als het niet lukt, dan kan ik u bellen?
– Goed. Dan hoor ik het wel.
– Goed.
– Goed.

Dekseltjes
Ik kan het niet helpen, maar tijdens het schrijven van bovenstaand proces speelde voortdurend het beroemdste gedicht op één na van Cees Buddingh’ door mijn hoofd. Het heet ‘Pluk de dag’, en het heeft in deze autobiografie al eerder geholpen om mijn gevoelens onder woorden te brengen: ach ja, je probeert eens wat en soms lukt het dan niet, maar soms ook wel. Zoals in het geval van de dekseltjes van Marmite en Sandwich spread, toch ook een technisch probleem dat by trial and error opgelost werd.
– Goed. Komt Buddingh’.

Het beroemde potje Marmite met het nog beroemdere dekseltje.
Het beroemde potje Marmite met het nog beroemdere dekseltje.

PLUK DE DAG

vanochtend na het ontbijt
ontdekte ik, door mijn verstrooidheid,
dat het deksel van een middelgroot potje marmite
(het 4 oz net formaat)
precies past op een klein potje Heinz sandwich spread

natuurlijk heb ik toen meteen geprobeerd
of het sandwich-spread dekseltje
ook op het marmite-potje paste

en jawel hoor: het paste eveneens

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *