Intermezzo 10 – In Memoriam Louis Vaes – Mijn broer uit het verre verleden

Op 6 maart 2018 overleed mijn zesde broer. Niet op rij, want hij was eigenlijk nummer vier – die er intussen schielijk twee vóór had laten gaan. ‘Bijna 87 jaar oud’, zoals de overlevenden op de rouwkaart meldden.

'Hoe kon ik dat niet eerder weten, niet beter zien in vroeger tijd?'
Uit de tijd gevallen op 6 maart 2018 – mijn broer.

Aardse grenzen
Ik vind dat wel mooi, dat hechten aan het leven over de aardse grens van dat leven heen. Van hem en van hun had het dus nog niet gehoeven, dat afscheid. Maar zo maakbaar is het leven nog even niet, al doet het wetenschapskatern van de krant tegenwoordig soms anders vermoeden. Mijn broer Louis is dood, daar helpt geen moedertjelief aan, en dat spijt me zeer. Wij blijven met zes van de aanvankelijk dertien kinderen opnieuw verweesd achter. Net als zijn levensgezel Ria, Monique en Bert en dan die kleinkinderen nog. Het doodgaan wordt je met de paplepel ingegoten, zeker, en toch wil het maar niet wennen.

Op elkaars lip
Van de laatste zestig jaar van Louis z’n leven weet ik weinig. Van de vijfentwintig jaar die er aan vooraf gingen des te meer. Zo ging dat vroeger met grote gezinnen nou eenmaal: twintig, dertig jaar zit je met z’n allen op elkaars lip, zodra er eentje het nest verlaat slaat de vervreemding toe. Toen wij allemaal nog ‘thuis’ woonden, sliep ik met Koos, Toon, Louis en Cor in een kamer van zeker 3 bij 4 meter, in ons ondergoed dat één keer per week verschoond werd, in twee tweepersoonsbedden en een eenpersoonsbed, de emmer voor de nacht kon er niet meer bij en stond op de gang. Dat schept een band, reken maar van yes. – De latere slaapkamers van mijn broers heb ik nooit gezien, ook die van Louis niet, laat staan hun pyjama’s of ‘emmers’. Of me dat spijt? Ik geloof van niet.

Zoelewie
In die tijd was Louis onder veel meer: onze huis-verbandmeester, clubkampioen tafeltennis, jeugdleider, tandartsbezoeker-in-zondagse-kleren, klarinettist, de blondgelokte beauty-van-de-melkboer, de betere helft van het familieduo Snip en Snap, man van de vliegerlatjes, oprichter van de Gladiatoren, maatje van kapelaan Eijgenraam, bootjesgek, melkdrinker die er alles aan deed om maar voor militaire dienst goedgekeurd te worden, de broer die mij leerde hoe je de naam van de wereldbokser Joe Louis uitsprak: Zoelewie! – Echt, ik weet het allemaal nog.

De broederlijke groet
Louis was mijn grote broer die alles kon, dat in elk geval probeerde, soms zijn neus stootte maar niet kapot te krijgen was. En dan dat Frans van hem! Hij begroette mij altijd met de kreet: ‘Ha, le ChristRoi, zjieskezjènzjeeliva!’ Wat ie daar precies mee bedoelde wisten we samen niet; ik bedoel: wisten we samen maar al te goed, de broederlijke groet van eeuwigdurende lotsverbondenheid, onze eigen vredespijp. Het is mijn mooiste herinnering aan hem. In ex aequo met ‘Godgeloeiendenakendenheerzonderhemd’, de goedmoedige krachtterm die hij gebruikte als ie zich eens echt wilde laten gelden.

Het bootje van Manet c.q. Koornstra c.q. Maria van Dam.
Dag Louis, dag.

‘Lijkkisten en betimmeringen’
De ervaren lezer van de Balthasarsblog weet dat ik ooit een dichtbundeltje schreef onder de titel ‘Lijkkisten en betimmeringen – Notities aan de binnenkant’. Over ons leven ‘thuis’ aan de Korenbrugstraat 9a. Onder andere over het leven in de werkplaats, als er topdrukte was met de lijkkisten, als zelfs ík mee kon helpen. Uit die bundel schrijf ik hieronder het gedicht ‘Arbeidsvitaminen’ over, een poging om met de dood vertrouwd te raken zonder daar aan onderdoor te gaan. Louis stond dan meestal aan de elektrische cilinderzaag de bodemplanken op maat te zagen. Het was nog een hele kunst om hem bij te houden! – Ook dat was Louis, mijn broer, dag!

ARBEIDSVITAMINEN

de arbeidsvitaminen gingen er bij ons wel in
als je met zessen tegelijk
dus r-i-t-m-i-sch
dat leerde je in de kerk wel
de bodem onder zo’n kist moest spijkeren

heel wat nagels gingen
sch
ee
f
de binnenkant in

niet één is er ooit om komen klagen

5 gedachten over “Intermezzo 10 – In Memoriam Louis Vaes – Mijn broer uit het verre verleden”

  1. Het was een fijne oom, heb leren zeilen van hem, gek van water ben ik dan ook door hem geworden en ons pa natuurlijk tijdens de weekenden aan de Maas. Stapte je smorgens uit de tent midden in een vlaai, 🙂
    Dag ome Louis, de andere Chrisroi

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *